De Optiebeurs-4, vloerhandel

In de categorie ‘Mijn werkzame leven’, schrijf ik verder over mijn periode bij de Optiebeurs. In dit vierde deel is het onderwerp de digitalisering van de fysieke vloerhandel. Ik verdeel deze blog in twee delen. Dit is deel 1.

Eerdere blogs over ‘Mijn werkzame leven’ vindt u onder ‘Categorieën’.

Monopolist

De Optiebeurs was in de jaren tachtig monopolist op haar gebied. De Optiebeurs in Amsterdam was de enige plek in het land waar handel in afgeleide producten, ook wel derivaten genoemd, plaatsvond. Over de grenzen werd niet gehandeld, aanvankelijk omdat er geen andere derivatenbeurzen waren en toen die in de loop der tijd werden opgericht, moest men om op die beurzen te kunnen handelen door in het desbetreffende land een kantoor te openen.
In Duitsland richtte men in 1990 de Deutsche Terminbörse (DTB) op, de eerste elektronische beurs. Voor het eerst werd het mogelijk vanuit een kantoor in Amsterdam aan de handel over de grens deel te nemen. Om op de DTB te handelen, hoefde de handelaren niet  meer fysiek de grens over.

Open outcry

Onze handelaren, ‘market makers’, handelden jarenlang met veel succes op een fysieke handelsvloer. In een fysieke handels’crowd’ werden de transacties op de vloer uitgevoerd: handel in ‘open outcry’. Fysieke aanwezigheid was een voorwaarde om aan de transactie te kunnen deelnemen. Met de intrede van elektronische handel werd de transactie op afstand, met een druk op de knop gerealiseerd.

Elektronische handel

In 1991, een jaar na de oprichting van de DTB, vertelden een aantal Amsterdamse handelaren vol vuur over het wonder van de digitale handel, de efficiëntie, het gemak, de lage drempel, de lagere kosten. Al snel vonden de desbetreffende handelaren dat de Optiebeurs in Amsterdam ook moest overstappen van het ‘open outcry’ systeem naar een digitaal handelssysteem. Ze genoten van het verdwijnen van fysieke belemmeringen. Bovendien zouden in navolging van de DTB ongetwijfeld meer elektronische beurzen in andere Europese steden volgen.

Way of life

Anderen waren het daar bepaald niet mee eens. Zij die dagelijks hun geld verdienden door fysiek in de ‘open outcry’ crowd te handelen, vreesden voor hun ‘way of life’. 
Er opstonden twee kampen. Het moet gezegd, de voorstanders van handel via beeldschermen, waren over het algemeen reeds succesvol, de tegenstanders, meer principieel.

Remmende voorsprong

Gedurende het jaar werd de roep de Optiebeurs naar een elektronische beurs te converteren, luider. De banken en commissiehuizen bemoeiden zich ermee. Uit die hoek viel te beluisteren dat er geen ontkomen aan was, elektronica en digitale handel was de toekomst, wilde de Optiebeurs overleven in een wereld waarin steeds meer concurrentie ging ontstaan, nog afgezien van het wegvallen van EU-binnengrensen (Schengen), dan moest het met zijn tijd meegaan.  De handel in opties moest efficiënter en goedkoper. De Optiebeurs, zo zei men, kreeg last van de remmende voorsprong.

Wat te doen?

In deel 5 komt aan de orde hoe we meenden dit te kunnen oplossen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *